Terug naar Míthimna
Eerst Sandra appen bij het wakker worden! Ze is jarig vandaag…. althans, hier. Daar in Canada lopen ze wat achter dus mijn nicht vertrekt, nadat we even gezellig gekletst hebben, naar bed.
‘Als een berg er tegenop zien’ was nog nooit zo letterlijk het geval. De berg die we gisteren afgedaald zijn met alle haarspeldbochten en vele stukken met tenminste 10% helling moeten we nu weer op. Ik weet dat het wel gaat lukken, maar heb geen zin in langdurig geploeter. Maar wat moet dat moet.
Maria, die ons het huisje verhuurde vraagt of ik cash wil betalen. Gelukkig hebben we dat. Nu snap ik ook waarom we voor een prikkie op zo’n mooie plek in een zo fijn huisje konden verblijven; ze houdt ons gewoon buiten de boeken. Heeft ons gisteren in alle vertrouwen een sleutel gegeven en geen naam of paspoort gevraagd. Leuk extraatje voor haar en mazzel voor ons.
Iets voor half 9 zijn we op weg. Te laat om de hele weg omhoog in de schaduw af te kunnen leggen, want over de rand van de bergen staat de koperen ploert al aan de hemel.
Gelukkig zijn we ondertussen flink getraind. Het tripje van Kalloni naar Epidavros ben ik nog steeds niet vergeten, hoe we onszelf helemaal uit de naad fietsten die dag. Fluitend gaat het nu ook niet, maar het is te doen. Levia wint vandaag wederom de bolletjestrui. Telkens als ik in het kleinste verzet dapper naar boven trap met 6km per uur, komt ze me lachend voorbij. Onze kinderen zijn niet van snel en klein trappen, in een veel groter verzet dan wij gaan ze puur op kracht naar boven. En het gaat nog hard ook. Het scheelt dat hun solofiets waarop ze je voorbij stuiven de lichtst bepakte fiets is. Maar het zijn ook sterke meiden.

Eindelijk zijn we bij het kerkje in Platanos, waar gisteren de afdaling begon en vandaag de helse klim is volbracht. Nu kijken we uit naar de taverne waar we gisteren langs reden. Grote borden met ‘breakfast’ erop onder andere. Het zag er gezellig uit en we hebben onszelf beloofd daar te stoppen en nog iets (extra) te eten op de terugweg. De tandem is nog onderweg als Yentl en ik lekker in een stoel neerploffen. Op een oudere heer met een bezem na is het verder leeg. Minutenlang wachten we maar er komt ook niemand. Wel wappert er een bordje: open. Ik ga toch maar binnen een kijkje nemen, roep ‘kaliméra!’ (goedemorgen) maar niks hoor. Wacht eens even, daar zie ik een paar benen uitsteken vanaf een bank. Ik loop erheen, zeg nogmaals gedag en ontdek zo’n typische tiener die volledig opgaat in een mobieltje. Een universeel fenomeen anno 2019. Maar hij schrikt toch op en vertelt me dat ze gesloten zijn. Een mengelmoes van Grieks en Engels komt eruit waar ik niets van begrijp dus ik zeg groet hem en loop weer naar buiten. Daar komt juist de tandem aan. Die kan meteen doorrijden. Honderd meter verder kijk ik achterom en zie ik een familie naast de taverne uit een auto stappen. Ik vermoed dat ze de tiener even alleen hebben gelaten en zelf boodschappen zijn gaan doen. Maar goed, we zijn nu al op weg naar een volgende mogelijkheid om even te ‘tanken’.
Enkele minuten later stoppen we bij een kafeneion, een typisch Grieks koffiehuis. Helaas hebben ze ook niet meer dan koffie, thee en sap. We drinken onze koffie in gezelschap van een paar Griekse opaatjes. Eentje herkennen we zowaar van de camping in Mithimna. De eigenaresse hier houdt kennelijk van tuinieren, want het terras achter ons staat vol met prachtige, veelal bloeiende planten. Het doet me denken aan de tuin van een collega.
Op het terras stemmen we over de rest van de route. We kunnen hetzelfde rijden als gisteren heen maar dat is wat saai. Drie van de vier gezinsleden zijn voor een andere route met iets meer klimmen waarbij we langs de andere kant van een bergketen zullen rijden.
Dit is een goede beslissing! Het klimmen valt reuze mee na die hobbel van zoëven en we rijden door een fenomenaal landschap. Precies wat een fietsvakantie zo leuk maakt. Kleine weggetjes, een enkel agrarisch bedrijfje, een overweldigende natuur en spectaculaire uitzichten. In het begin nog op de zee, maar al gauw zien we alleen de directe omgeving en hoge toppen. Fantastisch!

De lokale fauna moet mij vandaag weer eens hebben, net als gisteren trouwens. Toen kon ik nog net duiken voor een te laag vliegende zwaluw en was er slechts één uit koers geraakte cicade die tegen mijn gezicht aanvloog. Die krengen zijn niet zachtzinnig! Vandaag lijken de levende vliegmachines allemaal de weg kwijt te zijn en een aantal keer hebben we botsingen. Trouwens, als ze gewoon op je schouder of rug landen (geliefde plekken kennelijk?) hoor je een soort ‘pets’, alsof iemand je met vlakke hand op je arm slaat. In het begin schrok ik er zelfs een beetje van. Het blijft bizar, zo’n landende vliegmachine die vervolgens een stukje meelift op de fiets.
We genieten ons helemaal suf van deze route. Een beetje weemoedig bedenk ik dat we hierna nog maar 1 fietsdag te gaan hebben. Zo gaat het nou altijd, heb je helemaal de smaak te pakken, is het alweer voorbij. Maar het is fijn dat we dit überhaupt hebben kunnen doen.
Terug in Kissamos is het al bijna lunchtijd. We moeten nu nog maar een paar kilometer over een inmiddels bekende route en dan zijn we terug in Mithimna.
‘Welcome home’, zegt de campingbaas. Hij vraagt me wat we de vorige keer hebben betaald op Camping Mithimna. Ik moet diep graven in m’n geheugen. Hij maakt er weer een mooi prijsje van, 26€. Voor Griekse campings is dat niet veel (4 personen, 2 tentjes). De tijd dat Griekenland voor ons als West-Europeanen spotgoedkoop was, is allang voorbij. Alleen uit eten gaan is nog echt goedkoop.
We vergelijken vandaag ons gefiets met wat we vorig jaar fietsten in Thailand (#fietsenvanchiangmainaarbangkok). Waarom? Omdat we hier telkens van die kleine stukjes fietsen voor ons gevoel. Ik denk dat het aan een paar dingen ligt:
1. We zijn de eerste twee dagen erg geschrokken van het heel steile klimmen in combinatie met de heftige zon
2. In Thailand was het net zo warm maar vaak bewolkt (en vochtige hitte is wat mij betreft stukken prettiger dan deze droogte)
3. Onze route vorig jaar was op een heel enkele etappe na vrijwel vlak
We hebben het er al een paar keer over gehad en zijn tot de slotsom gekomen dat als we een volgende fietsvakantie bedenken, we het beste weer een ‘van A naar B’ route kunnen kiezen. Weliswaar lag er een door ons gepland rondje, maar door de zwaarte moesten we daar al snel van afwijken. Weer wat geleerd. We zijn toch heel trots op onze tieners dat ze dit soort avonturen met ons aangaan!
Morgen is alweer de laatste fietsdag. De vakantie is daarna nog niet afgelopen en we hebben zelfs een heel leuk toetje in het verschiet, waarover later meer……
